Notes
Berlijn is een stad wier culturele identiteit onlosmakelijk verbonden is met de breuklijnen van de twintigste eeuw. In de jaren twintig van de vorige eeuw, tijdens de Weimarrepubliek, groeide de stad uit tot een broedplaats van artistieke vernieuwing: het expressionisme bloeide in de beeldende kunst, cabaret en revue floreerden, en de UFA-filmstudio's in Babelsberg maakten van Berlijn een centrum van het Duitse filmexpressionisme, met regisseurs als Fritz Lang. Bertolt Brecht ontwikkelde er zijn epische theater en werkte samen met componist Kurt Weill aan producties die het Berlijnse toneel internationale weerklank gaven. Ook op muzikaal gebied speelde de stad een centrale rol, met instellingen als de Berliner Philharmoniker, opgericht in de negentiende eeuw, die uitgroeide tot een van de meest gerenommeerde orkesten ter wereld. De deling van de stad na de Tweede Wereldoorlog, bezegeld door de Berlijnse Muur, sneed dit culturele weefsel letterlijk doormidden en dwong Oost- en West-Berlijn tot gescheiden artistieke ontwikkelingstrajecten tot aan de val van de Muur in 1989.
Na de hereniging werd Berlijn een laboratorium voor nieuwe culturele energie, waarbij leegstaande gebouwen en industriële ruimtes in het voormalige Oost-Berlijn, met name in wijken als Mitte, plaats maakten voor galeries, ateliers en clubs. Deze periode legde de basis voor de rol die de stad vandaag speelt als internationaal trefpunt voor beeldende kunst en muziek.
In het heden wordt Berlijns culturele leven gedragen door een dicht netwerk van musea, met de Museumsinsel als kern, waar instellingen als het Pergamonmuseum en het Neues Museum zich bevinden. Wijken als Kreuzberg en Neukölln staan bekend als broedplaatsen voor hedendaagse kunst en een alternatieve, multiculturele scene, terwijl Mitte een centrum blijft voor galeries en instituten voor eigentijdse kunst. De stad heeft bovendien een naam opgebouwd als mondiaal centrum van de technomuziek en clubcultuur, met de Berlinale als jaarlijks filmfestival dat de stad internationaal op de kaart zet binnen de filmwereld. De combinatie van gesubsidieerde hoge cultuur — orkesten, opera's, theaters — en een informele, experimentele ondergrondse scene blijft het onderscheidende kenmerk van Berlijn als culturele stad.